Tagarchief: SUEZ

Nieuwe collectie koffers uit gerecycleerde kunststoffen

Nieuwe collectie koffers uit gerecycleerde kunststoffen
Lees het gehele artikel

SUEZ, LyondellBasell en Samsonite hebben hun samenwerking immers uitgebreid om een nieuwe ­collectie duurzame koffers te produceren: de Magnum Eco koffercollectie. Deze collectie is ontstaan uit expertise van Quality Circular Polymers (QCP), de joint venture tussen SUEZ en LyondellBasell, op het gebied van recyclage van hoogwaardige polymeren. Samsonite toont zo dat post-consumer kunststoffen een nieuw leven kunnen krijgen om zo het gebruik van virgin materialen te verminderen.

Nieuwe collectie koffers uit gerecycleerde kunststoffen
Dankzij het gebruik van de innovatieve Recyclex™ technologie zijn de buitenschalen volledig gemaakt van gerecycleerde kunststoffen

Voortbouwend op het succes van de lancering van de S’Cure ECO lijn in 2019 en met het oog op het behoud van natuurlijke grondstoffen, lanceert Samsonite, bekend om de kwaliteit en duurzaamheid van zijn producten, zijn nieuwe Magnum ECO lijn koffers gemaakt van secundaire kunststoffen. De marktleider in de bagage-industrie heeft opnieuw een beroep gedaan op QCP voor zijn expertise in het recycleren en terugwinnen van kunststoffen om te helpen bij het ontwerp van deze collectie. De koffers zijn ontworpen in Europa en gemaakt van huishoudelijk plastic afval uit Nederland en België, zoals plastic flessen en yoghurtpotten. Zo bevat de grote koffer het equivalent van 483 yoghurtpotten en 14 plastic flessen. Dankzij het gebruik van de innovatieve Recyclex™ technologie zijn de buitenschalen volledig gemaakt van gerecycleerde kunststoffen en is de binnenstof eveneens ontwikkeld op basis van 100% gerecycleerde petflessen. De nieuwe Magnum ECO collectie illustreert het gezamenlijke engagement van QCP en Samsonite om producten te ontwikkelen waarin gerecycleerde kunststoffen zijn verwerkt en die een kleinere koolstofvoetafdruk hebben.

Ecologische voetafdruk verkleinen

Christine Riley Miller, Samsonite’s Director of Sustainability, ziet deze innovatie als onderdeel van een breder plaatje: “We zijn voortdurend op zoek naar nieuwe manieren om onze ecologische voetafdruk in al onze activiteiten te verkleinen. Dus ook via innovatie bij de vervaardiging van onze producten, zo dragen wij ons steentje bij aan het hergebruik van plastic afval.” Deze nieuwe samenwerking komt er nadat QCP in december 2020 de kunststoffenrecyclagefabriek van TIVACO in België heeft overgenomen. Met een productiecapaciteit van gerecycleerd materiaal van ongeveer 22.000 ton per jaar, brengt deze nieuwe fabriek de totale plastic recyclagecapaciteit van de joint venture op ongeveer 55.000 ton.

Nieuwe collectie koffers uit gerecycleerde kunststoffen
De nieuwe Magnum ECO collectie illustreert het gezamenlijke engagement van QCP en Samsonite om producten te ontwikkelen die een kleinere koolstofvoetafdruk hebben.

Concrete oplossing voor de circulaire economie

Ook de partners van de joint venture zijn trots op het resultaat. “De Samsonite Magnum Eco koffer is een perfecte demonstratie van hoe waardevolle plastic grondstof weer tot leven wordt gewekt. Dit gerecycleerd materiaal, polymeren uit ons CirculenRecover gamma, biedt de reizigers een duurzaam product. We zijn vereerd om samen met Samsonite deel uit te maken van deze duurzame oplossing om een einde te maken aan plastic afval in het milieu, en we streven ernaar om voortdurend te innoveren om aan de behoeften van onze klanten te voldoen,” aldus Richard Roudeix, LyondellBasell Senior Vice President Olefins en Polyolefins voor Europa, het Midden-Oosten, Afrika en India. Jean-Marc Boursier, SUEZ Group Executive Vice President voor Frankrijk en regio Operations vult aan: “R&D, een echte motor van groei en differentiatie voor de Groep SUEZ, in combinatie met onze expertise in het recycleren van hoogwaardige polymeren, hebben een belangrijke rol gespeeld in de creatie van dit nieuwe gamma koffers. Wij zijn er trots op dat wij onze klanten concrete oplossingen en technologieën voor de circulaire economie kunnen aanbieden. Wij zien er bijzonder nauwlettend op toe dat de traceerbaarheid, de naleving en de duurzaamheid van het plastic dat wij recycleren, samen met LyondellBasell, binnen de joint venture QCP, gewaarborgd zijn.”   

Houtafvalverbrandingsinstallatie als ­sluitstuk van recyclage

David_Plas_Suez_Indaver_56591
Lees het gehele artikel

Enerzijds om de grenzen van het recycleerbare te verleggen, maar ook over een nieuwe verbrandingsinstallatie voor houtafval, een noodzakelijk sluitstuk voor recyclage. Dat resulteerde in E-Wood, een houtverbrandingsinstallatie op basis van wervelbedtechnologie die 180.000 ton houtafval een nieuw leven zal geven als groene elektriciteit en warmte. SUEZ ging daarvoor een partnerschap aan met Indaver.

Biomassa-installaties zullen nodig zijn als de Vlaamse regering haar doelstellingen rond her­nieuw­bare energie wil waarmaken. “Hout­afval is een geknipte kandidaat als brand­stof. Enerzijds omdat we eerst alle mogelijke stappen zetten om er zoveel mogelijk van te recycleren als spaanderplaat. Wat dat betreft schakelen we ons volledig in het Vlaamse beleid in om maximaal in te zetten op kwaliteit. Anderzijds omdat we er gewoon heel veel van hebben. In 2020 ging het nog om 1.203.000 ton, waar ongeveer de helft van niet recycleerbaar is. Vandaag vertrekt er daar nog veel van naar installaties in het buitenland. Vanaf 2022 zullen we dat hier lokaal een tweede, groene leven kunnen geven dankzij E-Wood”, vertelt Werner Annaert, director Business Development & Materials SUEZ Recycling and Recovery Belgium. 

Volwaardige partners

Eind 2017 werden de plannen van SUEZ voor een nieuwe hout­afvalverbrandingsinstallatie heel con­creet. De vergunnings­procedure werd op­gestart, onder­handelingen met leveran­ciers begonnen te lopen … maar ze stonden er niet alleen voor. SUEZ projectengineer Julie Liébart: “E-Wood is een samen­werking tussen SUEZ en Indaver. Door de installatie in te plannen op hun site in Doel, vinden we naad­loos aan­sluiting op het Ecluse stoomnetwerk, waar we onze opgewekte warmte kwijt kunnen. Daar­naast hadden we samen reeds ervaring met de wervel­bedtechnologie die we willen gebruiken in het hart van de verbrandingsinstallatie. Die kennis is een van de sleutels tot succes in dit project, want het betekende dat we niet van nul moesten vertrekken. Belangrijk want door Covid-19 is het niet evident om de planning te respecteren en uitstel te minimaliseren. We zitten op koers om tegen oktober 2022 volledig operationeel te zijn.” 

Tweede leven voor 180.000 ton afvalhout

Aan het E-Wood project hangt een prijskaartje van 95 miljoen euro. Een mooie investering in de Belgische markt. SUEZ en Indaver zullen elk instaan voor 50% van de kosten, 50% van de medewerkers en 50% van de ingaande stromen. “We hebben een vergunning gekregen voor de verbranding van 180.000 ton afvalhout per jaar. Vandaag mikken we echter op 150.000 om 20 MWh aan elektriciteit naar het netwerk te sturen en 11,5 MWh warmte te leveren aan het Ecluse stoomnetwerk”, vertelt Liebart. Voor de brandstof hoeft SUEZ in eerste instantie niet ver te zoeken. “Ons eigen houtafval en dat van partners dat niet meer gerecycleerd kan worden, zal hier terechtkomen. Verder kijken we naar de industrie en de bouwsector en intercommunales en recyclageparken. In een derde piste zullen we ook over de grenzen kijken, naar de ons omringende landen. Daarom was de inplanting in de haven ook belangrijk. Op die manier kunnen we het water als transportmiddel gebruiken”, vult Annaert aan.

Sluitstuk van recyclage

Belangrijk in dit verhaal is dat E-Wood niet op zichzelf staat. “Van inzameling tot recyclage en verbranding, we willen de volledige waardeketen van hout beheersen. Daarom zullen we ook investeren in de voorbehandeling van afvalhout. Zodat er zoveel mogelijk naar recyclage kan gaan. We hebben al een samenwerking met Unilin daaromtrent en willen die de komende jaren nog versterken. Maar ook voor afvalhout dat naar verbranding gaat is de kwaliteit van tel. Op die manier kunnen we erover waken dat er geen problemen ontstaan tijdens de verbranding. Vlaanderen wil in het post-coronatijdperk uit­groeien tot een recyclagehub. E-Wood sluit daar naadloos bij aan. Want als je veel recyclage-installaties hebt, dan heb je ook oplossingen nodig om het residu dat overblijft duurzaam te behandelen, besluit Annaert.

Een gipsrecyclagecentrum, uniek in Europa

default
Lees het gehele artikel

Sinds kort heeft België er een centrum bij voor de verwerking van dit materiaal. Replic recycleert gips voor de cementindustrie. Deze primeur in Europa is gevestigd in de autonome haven van Pecq.

Niet alleen biedt recyclage een nieuw leven aan een toenemend aantal afvalstromen, tegelijkertijd zorgt het ook voor het behoud van steeds meer natuurlijke grondstoffen. Met de opening van een recyclagecentrum in de autonome haven van Pecq, kan dit nu ook voor gipsafval. Dit pilootproject is het resultaat van een publiek-privaat partnerschap dat Ipalle, SUEZ en Dufour/Cogetrina verenigt. Hier zal het gipsafval worden behandeld, dat rechtstreeks naar de site wordt gebracht of wordt verzameld door elk van de drie structuren, die zich hebben verenigd in het kader van dit unieke project in Europa. Met dit innovatieve proces kunnen de verschillende componenten van het gipsafval effectief worden gescheiden om het gips te recupereren en hergebruiken. 

Om de kwaliteit van het gerecycleerde product te waarborgen, is de eerste hal specifiek gewijd aan de opslag, voorverbrijzeling en sortering van binnenkomend afval.

Waarom gips recycleren?

Jaarlijks wordt er in Wallonië ongeveer 15.000 ton gipsafval geproduceerd (35.000 ton in België), een niet te verwaarlozen hoeveelheid terug te winnen materialen. Buiten Wallonië zijn het noorden van Frankrijk en Vlaanderen ook gebieden met een hoog recuperatiepotentieel voor dit soort afval. Het gips dat tot nu toe in recyclageparken en bedrijven werd verzameld, kon niet worden gerecycleerd of energetisch worden teruggewonnen door verbranding. Het werd op een technische stortplaats van klasse 2 geborgen. Terwijl dit product echter eindeloos kan worden gerecycleerd. Het vinden van een sorteer- en recyclageoplossing voor deze afvalstroom was dus zeer belangrijk voor Ipalle en zijn partners. Het eindproduct wordt vervolgens geleverd aan cementfabrieken (als cementvertrager) en aan de gipsindustrie. Potentiële partners voor het gebruik van gerecycleerd gips hebben zich al aangemeld. Ten slotte is het gebruik van gerecycleerde materialen een sterke troef op het gebied van duurzaam bouwen. Tests uitgevoerd door het Onderzoekcentrum der Cementnijverheid (OCCN) tonen aan dat het gerecycleerde gips prestaties biedt die vergelijkbaar zijn met de prestaties van kunstmatig of natuurlijk gips (gipssteen).

Dit pilootproject is het resultaat van een publiek-privaat partnerschap dat Ipalle, SUEZ en Dufour/Cogetrina verenigt.

Het proefproject

Het industriële proefproject voor de behandeling en recyclage van gips is gevestigd nabij de waterwegen aan de autonome haven van Pecq (PACO), die de keuze van de vestiging heeft bepaald. Het bevindt zich in de bestaande hallen van de autonome haven, geëxploiteerd door het bedrijf Dufour/­Cogetrina. Om de kwaliteit van het gerecycleerde product te waarborgen, is de eerste hal ­specifiek gewijd aan de opslag, voorverbrijzeling en sortering van binnen­komend afval. Materialen zoals schroot of papier worden verwijderd voor afzonderlijke recyclage. De tweede hal dient als opslagruimte voor het afgewerkte product. De bouw van de installatie werd gedeeltelijk gefinancierd door het Waalse Gewest, en de drie partnerbedrijven investeerden twee miljoen euro. De installatie moet op termijn 10.000 ton gips per jaar behandelen. Op de site werden ook drie banen gecreëerd. Door deze fractie van het afval terug te winnen bij lokale cementfabrikanten, draagt deze installatie bij aan het territoriumproject Wapi 2040 en past ze perfect in de circulaire economie.

Oorsprong van het project

Naar aanleiding van de oproep tot projecten, gelanceerd in 2015 door de Greenwin concurrentiecluster (Waalse concurrentiecluster en innovatieversneller in milieutechnologieën), ontstond Replic. Het was het resultaat van een publiek-privaat partnerschap dat de intercommunale Ipalle en de bedrijven Dufour en SUEZ samenbrengt. Ook andere organisaties namen deel aan het avontuur: het Centre Terre et Pierre en het Onderzoekcentrum der Cementnijverheid (OCCN) voor de onderzoekscomponent, en Euremi voor de industriële uitrusting.   

“De recyclagesector heeft een ­bijzonder mooi verhaal te vertellen”

FOCUS 2 kopiëren
Lees het gehele artikel

En we stellen ze graag uitgebreid aan u voor. In elke editie laten we een vrouw uit de sector aan het woord over haar job en wat die precies zo fijn maakt. Deze keer Marisa Tondat, communicatiemanager bij SUEZ.

Alles wat interne, externe en crisiscommunicatie aangaat binnen SUEZ Belgium is de verantwoordelijkheid van Marisa Tondat die ook nog twee collega’s aanstuurt. “Ik vind het bijzonder waardevol om aan de slag te zijn in een sector die beschouwd wordt als essentiële dienstverlening. Met SUEZ vertellen  we een bijzonder mooi verhaal, terwijl we tegelijk de circulaire economie promoten. Dat heeft niet alleen zijn impact op de afvalberg, maar ook op de gezondheid van onze planeet en onze ambitie om de klimaatdoelstellingen te halen.” 

Verscheidenheid aan mensen en profielen

Toch rolde ze als bij toeval in de sector. “Op een gegeven moment had ik nood aan een tabula rasa in mijn leven. Mijn buikgevoel bracht me naar de wereld van de recyclage waar ik sindsdien altijd alle kansen kreeg om me verder te ontplooien. Van administratie tot communicatie. Ik kon er me op voorhand moeilijk een beeld van vormen, wat recyclage allemaal inhoudt, maar eenmaal in de praktijk veranderde dat snel. Toegegeven, het was wat aanpassen maar de verscheidenheid aan mensen en profielen is wat deze sector zo mooi maakt en mijn job zo uitdagend. Om telkens voor iedereen de boodschap helder en aantrekkelijk te brengen.” 

Elkaar aanvullen als mens

Dat SUEZ zelf hard aan de kar trekt van diversiteit en inclusie vindt ­Tondat een uitstekend initiatief. “Niet omdat we er van elk ‘hokje’ genoeg ­moeten hebben of omdat vrouwen soft skills brengen en mannen hard skills. Neen, omdat we elkaar als mensen aanvullen. En omdat we samen ons deel kunnen doen om op een gezonde manier van deze planeet te blijven genieten. Want dat wens ik mijn kleinkinderen van ganser harte toe!”   

Nieuw sorteercentrum voor uitgebreid pmd-afval

David_Plas_VALUP_63112 kopiëren
Lees het gehele artikel

Begin oktober is de eerste spadesteek gegeven voor een nieuw sorteercentrum dat elk jaar 50.000 ton uitgebreid pmd-afval zal uitsorteren in veertien fracties: Val’Up. Dit is het resultaat van een publiek-private samenwerking tussen intercommunales IDEA (Coeur du Hainaut), IPALLE (Picardisch Wallonië en Zuid-Henegouwen) en SUEZ en VANHEEDE. 

Sinds januari 2019 kunnen de Belgische burgers geleidelijk aan meer plastic verpakkingen in hun blauwe pmd-zakken stoppen. Op die manier wil men meer plastic verpakkingen uit het restafval houden om ze vervolgens te kunnen recycleren. Meer verschillende soorten plastic uit elkaar halen, maakt dit echter tot technisch uitdagender werk. CEO van SUEZ Recycling and recovery België Philippe Tychon: “Met Val’Up zullen we deze stap kunnen zetten. Het nieuwe sorteercentrum vervangt op termijn de installatie van Valodec. Het wordt uitgerust met de meest geavanceerde technieken en zal op jaarbasis 50.000 ton pmd-afval kunnen verwerken. Ongeveer 20.000 komt via publieke partners IDEA en IPALLE, de overige 30.000 is gebaseerd op het volume dat SUEZ en VANHEEDE zullen aanbrengen.” Aan deze investering hangt een prijskaartje van meer dan 30 miljoen euro.

Kwaliteit centraal

Kwaliteit staat centraal in dit nieuwe sorteercentrum. “Zoals gevraagd door Fost Plus zullen we met deze installatie veertien fracties kunnen uitsorteren. Ter vergelijking, in Valodec waren dat er nog zeven”, geeft Tychon aan. “Hoe zuiverder de stromen, hoe beter ze kunnen dienen voor de volgende stap in de circulaire keten en hoe minder restresidu er nog overschiet voor verbranding. Wat dat betreft, mogen we Val’Up ook absoluut een evolutief project noemen. Er zullen meer dan 200 types machines in staan. Enerzijds zullen we de informatie die we oogsten uit elke stap, gebruiken om onze eigen processen te optimaliseren. Maar ze zal ook dienen om aan tafel te zitten met de producenten van verpakkingsmateriaal. Om erover te waken dat zij producten maken die recycleerbaar zijn. Anderzijds zullen we deze sorteerlijn kunnen voorbereiden om in de toekomst nieuwe stromen apart te houden, als de markt dat vraagt. Denk bijvoorbeeld aan koffiecaps.”

Het siteterrein van Val’Up in aanbouw.

Samenwerking om complexiteit te beheersen

Het is de bedoeling dat er na de zomer van 2021 kan opgestart worden. In oktober zou er al in twee shiften gewerkt worden, tegen 2022 in drie. Eenmaal op volle kracht zal het nieuwe sorteercentrum werk geven aan een honderdtal medewerkers. “Voor een efficiënte opstart kunnen we putten uit de ervaring die zowel wij, SUEZ, als VANHEEDE al met eerdere installaties hebben opgedaan. Samenwerking zal steeds belangrijker worden in de recyclageketen om de complexiteit te beheersen. In alles wat we doen, willen we daarom de juiste partners aan boord krijgen voor een optimaal resultaat. Wij zien de Val’Up installatie als een belangrijke stap, maar zeker niet de finale, want we willen oplossingen aanbieden voor de volledige keten, van inzameling tot eindproduct. We blijven dus ook inzetten op andere projecten om de stromen die we hier uitsorteren te verwerken. Kunststof blijft een belangrijke stroom voor ons. We zullen misschien niet met elke kunststofstroom aan de slag kunnen gaan, elke speler op de markt zal keuzes moeten maken. Maar er is in elk geval geen gebrek aan ambitie bij SUEZ om zoveel mogelijk plastic een tweede leven te geven”, besluit Tychon.   

Vaten van gerecycleerd plastic voor risicohoudend medisch afval

davidplas_80690-003_0001-kopieren
Lees het gehele artikel

Sinds kort hebben ziekenhuizen in Brussel en Vlaanderen de mogelijkheid om vaten uit gerecycleerd plastic te gebruiken voor hun risicohoudend medisch afval. Deze primeur is de vrucht van de samenwerking tussen Mauser Benelux en SUEZ, en zorgt voor maar liefst 57% minder milieu-impact en 51% minder CO2-uitstoot.

Risicohoudend medisch afval (RMA) omvat stoffen zoals laboratorium-
afval, bloed, bloedderivaten, anatomisch afval en andere. De vaten waarin dit afval wordt verzameld, moeten voldoen aan uiterst hoge normen qua kwaliteit en stevigheid. Eens ze gevuld zijn, worden ze verzegeld en meteen verbrand om elk veiligheidsrisico uit te sluiten. Tot vandaag werden hiervoor uitsluitend vaten uit virgin plastic gebruikt. Om de ecologische impact van deze noodzakelijke praktijk zoveel mogelijk te beperken, ging SUEZ (dat de vaten aanlevert aan ziekenhuizen, ze ophaalt en vervolgens afvoert naar een gespecialiseerde afvalenergiecentrale), samen met partner Mauser Benelux
(producent van de vaten) op zoek naar een duurzamere oplossing. Zo hebben ze een RMA-inzamelvat ontwikkeld uit gerecycleerd plastic, dat een veel kleinere ecologische afdruk heeft dan de traditionele: maar liefst 57% minder milieu-impact en 51% minder CO2-uitstoot. Dit innovatieve project toont het belang aan van co-creatie in de waardeketen om grote stappen te zetten richting een circulaire economie.

Hans Keur Fotograaf

SUEZ en Mauser Benelux hebben een RMA-inzamelvat ontwikkeld uit gerecycleerd plastic, dat een veel kleinere ecologische afdruk heeft dan de traditionele: maar liefst 57% minder milieu-impact en 51% minder CO2-uitstoot.

 

Goed voor 450.000 vaten uit gerecycleerd plastic op jaarbasis

Nu SUEZ wettelijke toestemming heeft voor Brussel en Vlaanderen, biedt het in zijn contracten met ziekenhuizen de mogelijkheid om met de vaten uit gerecycleerd plastic te werken. Binnen afzienbare tijd kunnen de ziekenhuizen dus volledig overschakelen op het nieuwe vat, wat neerkomt op zo’n 450.000 vaten en een verminderde CO2-uitstoot van meer dan 955 ton op jaarbasis. Ondertussen lopen verschillende ziekenhuizen, zoals Ziekenhuisnetwerk Antwerpen (ZNA) en UZ Gent warm voor het project. Volgens Tom Havermans, Milieucoördinator ZNA, zullen de nieuwe vaten een aanzienlijke impact op de zorgsector hebben. “Ziekenhuis Netwerk Antwerpen zet graag in op duurzaamheid vanuit zijn maatschappelijk engagement, ook in deze moeilijke periode. Want ook de zorgsector is een belangrijke speler in de ontwikkeling naar een circulaire economie. Nu de vaten uit gerecycleerd materiaal goedgekeurd zijn voor gebruik, is de keuze snel gemaakt. Ze bieden hetzelfde gebruiksgemak als de traditionele vaten, maar zijn een pak milieuvriendelijker.”

Invloed coronacrisis

De productiekost van hoogkwalitatief gerecycleerd plastic uit verbruikte verpakkingen ligt vaak hoger dan de productiekost van virgin plastic. Dit omwille van de zeer lage densiteit van het te recycleren afval en de complexiteit van de verschillende plastic verpakkingen op de markt. De coronacrisis heeft het prijsverschil tussen een traditioneel vat en een vat uit gerecycleerd plastic nog vergroot. Een virgin plastic vat is vandaag een pak goedkoper door de lage internationale olieprijzen als gevolg van de pandemie. Terwijl hetzelfde vat vorig jaar ongeveer evenveel kostte als dat uit gerecycleerde kunststof. SUEZ ijvert daarom voor een wettelijk kader dat producenten verplicht om een minimum aan gerecycleerd plastic te gebruiken. Op die manier zouden virgin en gerecycleerd plastic niet meer met elkaar concurreren en zetten we een belangrijke stap richting een meer circulaire economie. Ook Philippe Tychon, general manager SUEZ Recycling & Recovery Belgium & Luxembourg, ziet de herontwikkeling van de RMA-vaten als onderdeel van de doorstart naar een circulaire economie. “Op weg naar een werkelijk circulaire economie moeten we de grens van wat mogelijk is steeds weer verleggen. De RMA-vaten uit gerecycleerd plastic garanderen dezelfde veilige verwerking van het afval, maar met een fors lagere milieu-impact. Het is bijzonder hoopgevend dat een sterk gereguleerde sector als de gezondheidszorg zijn ecologische voetafdruk verder verkleint. SUEZ is trots zijn klanten hierin te begeleiden.”     

200 kg zuiver aluminium uit 100 ton restafval

Lees het gehele artikel

In de haven van Gent wordt het onmogelijke mogelijk. Uit de bodemassen die overblijven na verbranding van het restafval puurt het Valomet team van SUEZ nog waardevolle metalen. Een fractie die tot voor kort als onbruikbaar en economisch niet rendabel werd bestempeld. Maar die nu waardevolle grondstoffen oplevert voor een duurzame circulaire economie. Vlaams minister-president Jan Jambon was een trotse aanwezige op de officiële opening van Valomet in februari.

0002-alohafredhd-_78a8745-kopieren

Met het Valomet pioniersproject bewijst SUEZ dat bodemassen geen eindpunt in de afvalverwerkingsketen vormen.

 

Balpennen, SIM-kaarten, lampjes … het zijn maar enkele voorbeelden van voorwerpen die bij het restafval belanden, hoewel ze nog waardevolle metalen bevatten. Non ferrous & Energy from Waste Supply Manager bij SUEZ Karen De Boeck legt uit hoe ze toch nog van betekenis kunnen zijn. “We leven in een wegwerpmaatschappij. Er belandt nog heel wat bij het restafval, vaak omdat er geen apart inzamelcircuit voor bestaat. En nochtans zit daar nog heel wat waardevols tussen. Die kleine printplaatjes van bijvoorbeeld SIM-kaarten bevatten minuscule druppels edelmetalen. Metalen die eigenlijk oneindig gerecycleerd kunnen worden. Het beste bewijs daarvan is het Valomet proces. Zelfs na alle recyclagestappen, tot verbranding toe, te hebben doorlopen kunnen we ze nog recupereren en valoriseren.”

Van verloren tot waardevol

Valomet begon in 2014 als proefproject in de Gentse haven. De Boeck: “Bodemassen bevatten gemiddeld tussen 92 à 95% minerale stoffen. In onze site in Grimbergen zuiveren we die verder uit, zodat ze primair zand en grind kunnen vervangen in toepassingen in de bouwsector. De metaalfractie die er nog in aanwezig is, werd er dus al altijd uitgefilterd. Dit gaat om een ultrafijne fractie, een non-ferro metaalconcentraat dat bestaat uit deeltjes tussen 0 en 20 mm groot. Het verschil is dat we nu van een verloren en onbruikbaar geachte stroom nog iets bijzonder waardevols kunnen maken.” Op de site in Grimbergen was er helaas niet voldoende ruimte. Terreinen die SUEZ nog ter beschikking had in Gent vormden een perfect alternatief, te midden het kruispunt van de aanvoer uit de verschillende restafvalenergiecentrales in binnen- en buitenland (het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Nederland, Duitsland, Polen en Servië).

0206-alohafredhd-_78a9342-kopieren

“Dit was een niet-recycleerbaar restresidu dat nu weer andere producten nieuw leven kan inblazen en zo bijdragen tot een reductie van CO2-emissie.”

 

Zuiver en droog

In februari gebeurde de officiële lancering. Het testproject heeft plaats geruimd voor een volwaardige industriële verwerking van 12.000 ton metaalconcentraat per jaar. “De technieken die we toepassen om het materiaal in opeenvolgende stappen te homogeniseren en te scheiden zijn niet nieuw. De machines bestonden al in andere toepassingen. We hebben ze geheroriënteerd naar onze noden en samengelegd tot een innovatieve puzzel”, vertelt De Boeck. De belangrijkste les die uit de testfase geleerd werd is het belang van zuivere stromen. “Het is echt zaak het aanwezige aluminium (30 à 40%), koper (10 à 15%), zink (+/- 2%), mix van edelmetalen (1%) zodanig uit te zuiveren en te scheiden van elkaar en van de minerale stoffen (meer dan 50%) dat er monostromen ontstaan. Daar ligt de economische waarde. Kwaliteit is alles, omdat we rechtstreeks leveren aan smelterijen, waar heel rigide acceptatievoorwaarden gelden. Vocht is bijvoorbeeld uit den boze. Daarom werken we met een 100% droog proces, een unicum in de wereld.”

0201-alohafredhd-_78a9329-kopieren

De belangrijkste les uit de testfase is het belang van zuivere stromen. Kwaliteit is alles omdat Valomet rechtstreeks aan smelterijen levert.

 

Verdubbelen tegen 2022

In het beste geval kan Valomet zo uit 100 ton restafval nog 200 kg aluminium terugwinnen. De grootste uitdaging voor de komende jaren wordt voldoende volume aangevoerd krijgen. “Tegen 2022 willen we graag verdubbelen. De plant is zodanig gebouwd dat een uitbreiding met een paar kleine aanpassingen mogelijk is.“ De De Boeck is bijzonder trots op wat ze met Valomet kan realiseren:
“Dit was een niet-recycleerbaar restresidu dat nu weer andere producten nieuw leven kan inblazen en zo bijdragen tot een reductie van CO2-emissies. Het geeft een ongelooflijk gevoel om voor zo een bedrijf te mogen werken, dat wil investeren in nieuwe processen om de grenzen te verleggen. We gooien met zijn allen nog te veel weg. Het loont om te blijven proberen er waarde uit te halen.”    

Oost-Vlaanderen krijgt primeur van klimaatbewuste afvalinzameling

white20trucks_pb20m-kopieren
Lees het gehele artikel

RENEWI en SUEZ gaan samen voor meer leefbaarheid in Oost-Vlaanderen

SUEZ en RENEWI starten een duurzaam proefproject: voortaan halen ze gezamenlijk containers met PMD-bedrijfsafval van hun klanten in Oost-Vlaanderen op. Het proefproject kreeg de naam ‘Collecting together for you’. Beide afvaldienstverleners bundelen de krachten door deze inzameling vanaf 2 maart 2020 te combineren in één inzamelroute. Ze leveren hiermee een concrete bijdrage aan de leefbaarheid in Oost-Vlaanderen. Het project loopt in samenwerking met, en onder begeleiding van, het Vlaams Instituut voor de Logistiek.

Het project heeft als doel de uitstoot van schadelijke emissies terug te dringen. SUEZ en RENEWI willen met het Oost-Vlaamse proefproject een flinke besparing in CO2- en NOx-emissie  realiseren. Dat betekent dat de inzamelwagens 30 procent minder kilometers zouden afleggen. Dit komt niet enkel de uitstoot van schadelijke stoffen, maar ook de verkeersdrukte ten goede. Op jaarbasis zou dat neerkomen op een besparing van 40.000 kilometers, 19.170 liter brandstof en 61.793 kg Co2. Met dit proefproject willen RENEWI en SUEZ laten zien hoe de doelstellingen van ‘Collecting together for you’ door een goede samenwerking in de logistieke keten bereikt kunnen worden. Met andere woorden, een concrete duurzame logistieke oplossing die bijdraagt aan de leefbaarheid van de omgeving.

Samenwerking als inspiratie voor andere sectoren

“SUEZ gelooft in een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de wereld waarin we leven. We willen daarom graag samen werken aan een efficiënter en duurzamer afval- en grondstoffenmanagement”, vertelt Philippe TYCHON, General Manager SUEZ Recycling and recovery Belgium. “Samen met RENEWI willen we een voortrekkersrol opnemen bij de verbetering van de logistiek in België. Dit proefproject biedt ons de mogelijkheid om onze inzamelactiviteiten duurzamer én veiliger uit te voeren.”

“Als waste-to-product bedrijf is het onze ambitie om nieuw leven te geven aan grondstoffen door het afval dat we bij onze klanten ophalen te sorteren en te recycleren”, zegt Wim Geens, Managing Director van RENEWI België. “De manier waarop we dat doen, moet natuurlijk ook zo verantwoord mogelijk zijn. Ik hoop dat dit proefproject en onze samenwerking ook de spelers in andere bedrijfssectoren aanzet om ons voorbeeld te volgen.”

“Wij delen de visie op een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Daarom werken we voor het eerst als private partijen op deze manier samen om de doelen van ‘Collecting together for you’ te realiseren. Het gaat om een proefproject van een half jaar, waarbij PMD van bedrijven onder een ‘neutrale vlag’ wordt ingezameld. Dit kan een unieke mogelijkheid bieden om samen als ketenpartners duurzamere logistieke oplossingen te verkennen”, aldus beide bedrijfsleiders.

Efficiëntere en schonere logistiek

Aan de bestaande dienstverlening en contracten van klanten van RENEWI en SUEZ verandert niets. Elk bedrijf dat binnen dit project valt, behoudt het contract met zijn eigen bedrijfsafvalinzamelaar. Vanaf de start van het proefproject wordt het PMD-bedrijfsafval opgehaald door één wagen, met de vermelding ‘Collecting together for you’ en de logo’s van beide organisaties. Indien het proefproject een succes wordt, verwachten SUEZ en RENEWI dat ook andere inzamelaars zich zullen aansluiten bij dit duurzame initiatief.

Twee ton CO2 besparen per ton kunststof

ingebruikname-plasticrecycling8998-kopieren
Lees het gehele artikel

Tot chemische recyclage beter op punt staat, zal mechanische nog de voorkeur genieten. Bij Quality Circular Polymers in Geleen bewijst SUEZ in elk geval dat mechanische recyclage tot een hoogkwalitatief eindproduct kan leiden met een veel betere CO2-voetafdruk. Per ton wordt er bijna 2 ton aan CO2 bespaard.

QCP (Quality Circular Polymers) is het geesteskind van Huub Meessen, Marc Houtermans en Raf Bemelmans. Allen waren ze actief in de petrochemie in de productie van virgin polyethyleen en polypropyleen. Maar het kon anders, moest anders. Ze droomden ervan om het gat op de Europese markt te vullen en klanten te voorzien van hoogwaardig gerecycleerde kunststoffen. Want er was wel degelijk vraag naar. “In 2013 kwamen ze in hun zoektocht naar strategische partners aankloppen bij SUEZ”, herinnert director Business Innovation Christine Levêque, zich. “Het heeft onmiddelijk geklikt. Een jaar later was QCP bedrijf opgericht, met destijds als aandeelhouders the trio van ondernemers, SUEZ, CHEMELOT and LIOF. De plant startte eind 2015. Vandaag is QCP een joint venture 50/50 geworden, met SUEZ en LyondellBasell als enige aandeelhouders. Een cruciale timing want na het wegvallen van de poort naar China en enkele andere landen is het moment aangebroken om fors te investeren in het ontwikkelen van eigen initiatieven hier. QCP is daar een perfect voorbeeld van.”

Twee productielijnen

QCP landde op de Chemelot-site in Nederland. “Door de aanwezigheid van afvalwaterzuiveringsfaciliteiten en een stoomnetwerk, konden onze processen eigenlijk plug-and-play aangesloten worden”, geeft Levêque aan. De productie bestaat uit twee lijnen, een voor HDPE (high density polyethyleen, bijvoorbeeld shampooverpakking) en een voor PP (polypropyleen, bijvoorbeeld ijsroomverpakking). Zij verwerken post-consumer verpakkingsafval uit de Benelux, Frankrijk, het noorden van Europa en het noorden van Duitsland. Levêque: “De jaarlijkse capaciteit ligt nu al op 35.000 ton, en we plannen om naar 50.000 ton per jaar op te schalen.” Het gaat er QCP om de volledige kringloop te sluiten. Alle productiestappen om van post-consumer afval tot kwalitatieve polymeren te komen gebeurt in een proces. Zelfs het compounderen en toevoegen van kleur volgens de wensen van de klant.

ingebruikname plasticrecycling

Per ton besparen we nu bijna 2 ton aan CO2, zelfs wanneer we de logistiek en de extrusieprocessen meerekenen.

 

Mechanisch beter en goedkoper

Dat het vooral (thermo)mechanische processen zijn, heeft alles te maken met de rendabiliteit. “Op voorwaarde dat we een zuivere instroom hebben, kunnen we polymeren van de hoogste kwaliteit afleveren”, verduidelijkt Levêque. “De aanwezigheid van pvc vormt daarin de grootste uitdaging, want het kan schade berokkenen aan onze toestellen. Onze productiekost ligt echter hoger dan de kostprijs van virgin materialen en we hebben bovendien de beperking dat de granulaten niet meer kunnen dienen voor toepassingen waar er rechtstreeks contact met voeding is. Om op een chemische manier tot dezelfde resultaten te komen, zouden de kosten nog hoger liggen. Het zou ons product ook doen dalen in waarde want door het ‘kraken’ krijg je monomeren in plaats van polymeren. En ten slotte speelt onze CO2-voetafdruk een rol. Per ton besparen we nu bijna 2 ton aan CO2, zelfs wanneer we de logistiek en de extrusieprocessen meerekenen. Bij chemische recyclage zou de CO2-balans er minder positief uitzien.”

Heropstart pilootinstallatie Bristol

SUEZ spreekt uit ervaring. Het bedrijf startte tien jaar geleden een piloot­installatie in Bristol op voor het kraken van polyoleofinen met de bedoeling er brandstof voor vliegtuigen uit te puren. “Het uitgangspunt dat chemische recyclage beter bestand zou zijn tegen vervuilde stromen, zagen we meteen ontkracht. In de praktijk bleek een grote zuiverheid toch de essentiële voorwaarde.” Hoewel de installatie in eerste plaats dus geen succes leek, wordt ze nu toch weer opgestart. Levêque: “Dat heeft alles te maken met de veranderende wetgeving. In Groot-Brittannië is voortaan een minimale hoeveelheid brandstof uit plastics verplicht. Dat zal de markt een boost geven en dit is wat recyclage en chemische recyclage in het bijzonder ook in andere domeinen zullen nodig hebben: een verplicht gehalte aan gerecycleerde producten.”  

De top en flop in elke schakel van de circulaire economie

valomet-kopieren
Lees het gehele artikel

In een circulaire economie staat recyclage centraal, zodat producten (en hun bestanddelen) steeds een nuttige toepassing krijgen. Dat kan maar door op verschillende momenten in de levensfase van een product doordacht te werk te gaan. Er zijn in België heel wat circulaire topvoorbeelden te vinden: productontwikkelaars die aandacht hebben voor ecodesign, bedrijven die producten maken met gerecycleerde materialen, initiatieven die de selectieve inzameling van verschillende soorten afval bevorderen … Maar voor elk van die goede voorbeelden zijn ook tal van flopvoorbeelden te vinden. Wereldwijd komen er nog elk jaar miljarden tonnen nieuwe producten op de markt die niet recycleerbaar zijn, waar geen selectieve materialen aan te pas kwamen, die niet selectief worden ingezameld … Deze rubriek toont voor elke schakel van de circulaire economie enkele mooie realisaties en ook enkel uitdagingen, of anders gezegd: de top en de flop.

Top: laatste restjes sorteren uit het afval van afval

Valomet heeft een in Europa uniek procedé om uit de bodemassen (de resten die overblijven na afvalverbranding) nog metaal- en non-ferroconcentraten (van 0 tot 20 mm) te halen en te uit te sorteren. De fabriek staat in de Gentse haven. Het koperconcentraat wordt bijvoorbeeld teruggewonnen met een zuiverheid van ongeveer 70%. Dat is circa dertigmaal hoger dan de zuiverheid van koperconcentraat dat door traditionele mijnbouw wordt verkregen. Deze fijne metaaldeeltjes worden opnieuw ingezet door smelterijen en raffinaderijen bij het maken van nieuwe producten.

Flop: run-flat banden

Circulaire economie SUEZ

Run-flat banden zijn handig voor wie een lekke band heeft, maar zijn vanuit circulair oogpunt eerder een probleem dan een oplossing. Deze banden zijn voorzien van een versterkte flank, waardoor ze zelfs bij volledig drukverlies niet worden samengedrukt. Daardoor kan men nog 80 km verder rijden aan maximaal 80 km per uur. Door de aanwezige vulstof en het feit dat deze banden visueel moeilijk te onderscheiden zijn van andere banden verstoren ze de recyclage van afvalbanden.

Automatisch sorteren en verwerken van harde kunststoffen

bas_6901-kopieren
Lees het gehele artikel

Toegevoegde waarde brengen. Het was de drijfveer voor SUEZ om ingezamelde harde kunststoffen niet zomaar meer naar andere verwerkers te brengen maar om er zelf iets waardevols van te maken. Het sloeg de handen in elkaar met Kempenaars Recycling. Onder de naam SK Polymers werken ze in Roosendaal sedert maart aan slimme oplossingen om harde kunststoffen geschikt te maken voor recyclage.

De vraag van fabrikanten en kunststofverwerkers naar secundaire grondstoffen voor nieuwe kunststoffen neemt sterk toe. In Europa ligt het cijfers op ruim 50 miljoen ton per jaar. Met de oprichting van de joint venture SK Polymers, die harde kunststoffen zal verwerken, willen Kempenaars Recycling en SUEZ hun ambitie om de circulaire economie vorm te geven verder waarmaken op het terrein. “We speelden al sinds 2015 met het idee om meer waarde toe te voegen aan de post-consumer harde kunststoffen die we inzamelden”, opent John Geerts, Material Recource Manager Plastics bij SUEZ Recycling and Recovery Netherlands. De keuze voor Kempenaars Recycling lag voor de hand. Het bedrijf zamelt zelf ook kunststoffen in en deelt zijn ervaringen over het sorteren ervan. De bundeling van het volume betekent een lagere kostprijs voor de verwerking. De locatie van het bedrijfsterrein in Roosendaal biedt opportuniteiten om het volume van SUEZ Nederland en België te koppelen. Elk zullen ze in eerste instantie 5.000 ton aanleveren.

Eindproducten van hogere kwaliteit

SUEZ beschikte weliswaar al over een sorteerinstallatie voor kunststof verpakkingsafval in Rotterdam, maar begeeft zich met SK Polymers grotendeels op nieuw terrein. Toch wilde men de lat van meet af aan hoog leggen. Geerts: “Post-consumer harde kunststoffen krijgen nu vooral een manuele verwerking. Door in te zetten op een volautomatisch sorteringsproces wilden we de kwaliteit van de huidige stromen ruimschoots overtreffen. Door een betere scheiding, kan je met de granulaten immers eindproducten van hogere kwaliteit gaan maken.” Samen met Bollegraaf Recycling Solutions ging SUEZ aan de slag om een installatie te ontwerpen om polyethyleen, polypropyleen, PVC … volledig machinaal te verwerken. Of toch bijna. “Een aantal zaken moeten we nog steeds handmatig voorsorteren om de rest van het proces niet te verstoren. Plexiglas bijvoorbeeld of vuile jerrycans. Maar de verdere verwerking kan volledig machinaal verlopen, zodat de kwaliteit gegarandeerd is. Analyserapporten van de afgewerkte granulaten bevestigen dat.”

Ongekend hoge zuiverheid

In de installatie wordt een amalgaam van technieken toegepast. Een shredder zorgt voor een verkleining van het materiaal. NIR-scheiders (near infrared) laten hun licht schijnen op de kunststoffen om te bepalen welk materiaal het betreft. Met een luchtpuls worden ze vervolgens naar de juiste sorteerbunker geblazen. Op die manier kan SK Polymers zes verschillende kunststofstromen afleveren in granulaten van 1 tot 6 cm. “Met een zuiverheid die ongekend hoog is in de recyclagewereld”, geeft Geerts het geheim van de smid aan. “Tijdens de ontwerpfase van de installatie werd de lat op 95% gelegd. In de praktijk halen we voor polyethyleen en polypropyleen zelfs cijfers van 97 à 98%. En daar zijn we best fier op.” Momenteel draait de installatie acht maanden volcontinu. In de winter loopt de aanvoer vanuit containerparken wat terug. “Het voordeel aan post-consumer plastics is de homogene kwaliteit. Dat is essentieel voor de kwaliteit die we nastreven. Industrieel afval zou exotische kunststoffen kunnen bevatten die de kwaliteit van onze monostromen zouden degraderen. De capaciteit ligt daarom voorlopig op 20.000 à 25.000 ton per jaar. Onze prioriteit ligt bij de kwaliteit”, besluit Geerts.  

Zes Utrechtse gemeenten kiezen voor duurzame afvalinzameling van SUEZ

suez_hd-1-kopiren
Lees het gehele artikel

Zes Utrechtse gemeenten kiezen voor SUEZ voor het inzamelen van huishoudelijk afval. Hiermee wint de specialist in afval- en grondstoffenmanagement het inzamelcontract voor maar liefst zes van de negen gemeenten in Utrecht.

SUEZ is de komende vier jaar verantwoordelijk voor de inzameling van huishoudelijke afvalstromen in de gemeenten De Bilt, Stichtse Vecht, Houten, De Ronde Venen, Wijk bij Duurstede en Eemnes. Per 1 januari 2019 gaan de contracten voor de afvalinzameling van huishoudelijk afval van start. Het gaat om 233.249 inwoners en 96.714 aansluitingen met jaarlijks bijna 45 kiloton restafval en 30,5 kiloton gft. De contracten hebben een optie tot twee keer twee jaar verlenging.

14 duurzame kraakperswagens en 50 nieuwe arbeidsplaatsen
Ilse van den Breemer, Manager Overheden bij SUEZ, is trots dat SUEZ de contracten voor maar liefst zes van de negen gemeenten heeft gewonnen: “Het is een bevestiging dat onze focus op duurzaamheid het verschil maakt. We verwerken en recyclen afval op de meest innovatieve wijze en onderzoeken continu het gebruik van alternatieve brandstoffen. Zo zetten we steeds meer voertuigen in die rijden op LNG, een brandstof die een stuk schoner is dan diesel. Daarnaast zorgt het winnen van de aanbestedingen voor meer arbeidsplaatsen. We nemen bijna 50 nieuwe chauffeurs en beladers aan voor de afvalinzameling in deze zes Utrechtse gemeenten.”